Terug naar vorige pagina

Download hier de UWI scholing voor artsen
Een scholing voor artsen gericht op het overbrengen van kennis uit de Verenso richtlijn ‘Urineweginfecties (UWI) bij kwetsbare ouderen’ (2018). De scholing gaat in op diagnostiek van UWI en de rol van aanvullend onderzoek daarbij. Ook maakt de scholing duidelijk wanneer antibiotica nodig zijn en wanneer een afwachtend beleid beter is. Tot slot krijgt de arts handvatten voor hoe hierbij gecommuniceerd kan worden met verpleegkundigen, verzorgenden en (familie van) cliënten
De scholing bestaat uit een presentatie met ondersteunende notities, verhelderende casuïstiek en een korte kennistoets. De scholing kan individueel gebruikt worden of in een groep. Voor deze laatste situatie zitten ook interactieve elementen in de scholing, zoals een rollenspel.
Deze scholing beoogt bij te dragen aan het bewuster voorschrijven van antibiotica bij UWI door artsen en daarmee het terugdringen van antibioticaresistentie. Dit wordt gedaan door het bevorderen van het goed diagnosticeren van UWI en het nemen van een passende behandelbelissing.
Artsen die werken met kwetsbare ouderen (in verpleeghuizen).
Individueel gebruik van de scholing kost ongeveer 30 minuten.
Gebruik van de scholing tijdens een groepsbijeenkomst kost 45 minuten tot één uur. Degene die de scholing geeft tijdens deze bijeenkomst heeft daarnaast ook nog voorbereidingstijd nodig, ongeveer 30 minuten.
Tips voor individueel gebruik door meerdere personen (bijvoorbeeld het gehele artsenteam) binnen een organisatie:
Tips voor gebruik van de scholing tijdens een groepsbijeenkomst (bijvoorbeeld een artsenoverleg of FTO):
De scholing is ontwikkeld in het kader van een onderzoeksproject: het ANNA onderzoek. De scholing maakte binnen dit project deel uit van een pakket aan interventies gericht op de implementatie van de Verenso richtlijn ‘Urineweginfecties bij kwetsbare ouderen’. Het ANNA onderzoek betrof een randomized controlled trial (RCT) waarbij verpleeghuizen in de interventiegroep het pakket aan interventies ontvingen, en verpleeghuizen in de controlegroep niet. In verpleeghuizen in de interventiegroep werd antibiotica voor UWI in 62% van de gevallen volgens de richtlijn voorgeschreven, in de controlegroep was dat in 49% van de gevallen. Er waren daarbij geen aanwijzingen voor meer complicaties, ziekenhuisopnamen of overlijdens onder verpleeghuisbewoners met een verdenking op UWI in de interventiegroep. In totaalgebruik van antibiotica werd in de interventiegroep een sterkere afname geobserveerd in vergelijking met de controlegroep.
Omdat de scholing onderdeel uitmaakte van een pakket aan interventies, is niet precies te zeggen wat het eventuele effect van deze scholing is op antibiotica voorschrijven volgens de richtlijn. Wel is in het onderzoek geëvalueerd hoe artsen de scholing hebben ervaren. Op de vraag in welke mate de scholing heeft geholpen bij het voorschrijven van antibiotica volgens de richtlijn, gaven artsen een gemiddelde score van 7,1 (op een schaal van 1-10). Op de vraag in welke mate zij de scholing aanraden aan collega artsen, was de gemiddelde score 7,5.
De scholing, zoals die was ontwikkeld voor het ANNA onderzoek (in 2019), is verder doorontwikkeld. In de vernieuwde, huidige versie (van 2021) zijn nieuwe inzichten uit de literatuur en het ANNA onderzoek verwerkt. Ook zijn hierin de aandachtspunten verwerkt die artsen uit het ANNA onderzoek hebben genoemd bij de evaluatie van de interventies.
Dit kennisproduct is gerealiseerd met subsidie van ZonMw.
Geactualiseerd op 29 september 2025